Lang leve de mens

het optimistische boek van Ralf Bodelier

Ron van Es
4 min readOct 20, 2022
Lang leve de mens — Gompels&Svacina

Als je vanaf het zuiden van België Antwerpen wilt passeren kun je dat op twee manieren doen op de ringweg. De meest beroerde manier is langs het havengebied door een aantal tunnels. Je rijdt langs een enorme stoet vrachtauto’s die met kabaal van containers naast je rijden. Je ziet de eindeloze haven vol met dezelfde containers, en je weet: wat verslepen we veel spullen over de hele aarde heen en weer. De een zal het zien als bedrijvigheid, de bloeiende economie, de ander ziet het vooral als teloorgang van de natuur en de menselijke maat. Zie daar de twee ‘scholen’ van filosofen, economen en ecologen. De ene ‘school’ zegt dat we de toestand in de wereld kunnen oplossen. Ja, er zijn veel problemen, maar de Mens is innovatief en creatief. Ze worden wel ecomodernisten genoemd. De andere school propageert dat we moeten stoppen met produceren, de eindeloze groei van wat we economie noemen. Ontgroeien, de degrowth movement. De problemen, zoals het klimaat, kan niet worden opgelost als we weer eens pleisters plakken met zogenaamde duurzame oplossingen.

Ik las het boek ‘Lang leve de mens’ van Ralf Bodelier die typisch een voorstander is van de innovatieve mens. ‘De aarde heeft kanker en die kanker is de mens’, meende de Club van Rome. Daarmee doen we onszelf tekort’, schrijft hij. In het boek schetst Ralf een situatie de omgeving van zijn jeugd in Limburg en het Duitse grensgebied dat ernstig te lijden heeft gehad van mijnontginning en uitstoot van zware industrie. Ondanks het waarschuwen voor de extreme gevaren die zijn lerares mevrouw Thirion deed in de jonge jaren van Ralf blijken die gevaren ook gekeerd te kunnen worden. De hel, het Ruhrgebied knapt zienderogen op, de mensen blijken inventief genoeg om een weg te vinden uit de zelf ontworpen ellende.

In zijn boek neemt Ralf Bodelier stelling tegen het idee dat de huidige problemen er zijn omdat we domweg met teveel mensen op de wereld zijn. Los van het feit dat dit zelf een evenwicht gaat vinden is het ook nog eens met een westers, bijna lijdzaam perspectief bekeken. ‘Het werkelijke taboe rust op de gedachte dat de mens ook een zegen is voor de aarde. Ja, dat wij, mensen, de aarde oneindig hebben verfraaid, verrijkt en verbeterd.’

Het boek ‘Lang leve de mens’ heeft meer van dit soort verhalen waar ik me aan laaf, en waar ik het met Ralf eens ben dat we creatief genoeg zijn. Dat heeft de geschiedenis ons wel geleerd, naast de bergen ellende die we kunnen veroorzaken helaas. Maar dan stuit ik op het hoofdstuk ‘Ecologische voetafdrukken brengen ons niet verder’. Daarin neemt Ralf Bodelier een afslag die ik niet zal nemen. ‘Hoe serieus moeten we ze nemen, de ‘ecologische voetafdruk’, de ‘Earth Overshoot Day’ en onze ‘planetaire grenzen’? Halen we met deze frames en begrippen daadwerkelijk wetenschappelijke relevante informatie op? Of zijn ze vooral uitgevonden om alarm te slaan en ons tot actie aan te zetten? Ik vermoed het laatste.’

Hier lijkt de oude lerares Thirion uit de jeugd van Ralf weer om de hoek te komen kijken om hel en verdoemenis te prediken, iets waar hij in de vorige hoofdstukken zo manmoedig liet lezen dat we met de goede aanpassingen echt wel op de goede weg zijn. En als optimistisch mens zoek ik ook altijd naar een oplossing. Maar als ik dan, zoals ik in het begin schreef, langs dat enorme havengebied in Antwerpen rij weet ik: dit klopt domweg niet. Sterker nog, dat hoorde ik ook van een direct betrokkene die het beeld schetste hoe wij als westerse consument ons voedsel overal van de wereld laten invliegen en varen ten koste van een enorme natuurramp en verarming van de bevolking van andere delen van de wereld. Het gemak van het kiezen in de supermarkt — tegen idioot lage prijzen — creëert een direct probleem ergens anders. We zijn dus in onze eindeloze groei de grenzen van het betamelijke allang gepasseerd.

Aan het eind van het hoofdstuk schrijft Ralf Bodelier: ‘Dit alles neemt natuurlijk niet weg, zo schrijven onderzoekers, dat er veel redenen zijn om ons milieu te beschermen en ‘menselijke activiteiten die van invloed zijn op natuurlijke hulpbronnen en ecosystemen aan banden te leggen’. Maar het concept van de ‘planetaire grenzen’ is willekeurig en helpt ons niet verder.’ Dit lijkt dan een beetje op het idee dat we problemen hebben die we echt moeten oplossen — degrowth is dan toch echt de oplossing denk ik — maar dat een frame als ‘planetaire grenzen’ ons te veel schrik aanjaagt om een redelijke oplossing te bedenken.

Ik kan er niets aan doen, maar ik verkies hier dan toch die middenweg tussen oplossen en minderen. Tussen lokaal produceren en de eerlijke prijs betalen en wereldwijd delen van onze kennis en kapitaal. Om zo onze vanuit onze waarden als mensheid te groeien en te stoppen met het idee van eindeloze groei van onze economie. Om niet een geitenpaadje te bedenken om het probleem van onze gulzigheid en verslaving aan goedkope spullen op te lossen. Om idiote systemen waarin bedrijvigheid vertaalt wordt als ‘goed voor de economie’ te laten voortbestaan ten koste van mensen en dieren.

En dan ben ik toch met volle gloed eens als Ralf zijn boek eindigt met: ‘Onze problemen lossen we niet op door de mens tot probleem te maken. We zetten alleen stappen vooruit, wanneer we onszelf ook zien als oplossing. Wanneer we ons inzetten voor een gezond milieu en minder ongelijkheid. Wanneer we mensen die arm, machteloos en laag opgeleid zijn te hulp schieten. Wanneer we iedereen in staat stellen een bijdrage te leveren aan een betere wereld.’

Ron van Es mentor bij School for Purpose Leadership

Bestel het boek bij YouBeDo, waar je bij aankoop 0,20 van de vaste boekenprijs kunt doneren aan een goed doel. Heb je toch al weer een halve karmapunt te pakken!

--

--